Het is tien uur 's ochtends en opeens draait iemand de knop om! Dagen lang vrijwel nonstop regen en nu is het droog. Langzaam verdwijnt de grauwe grijze sluier en komt er wat blauwe lucht en een voorzichtig zonnetje. En eindelijk kunnen we vanaf ons balkon zien wat een prachtige omgeving dit is. Het dal waarin we zitten heeft prachtige groene bossen op de hellingen waartussen enorme watervallen naar beneden kletteren. Daarachter liggen de hogere kale bergen met witte toppen. Een prachtig plaatje.
.
De eerste stappen op Australische bodem zijn een beetje slaperig. Als we in Sydney arriveren hebben we weer een lekker dagje vliegen achter de rug. In Santiago om zeven uur 's avonds de bus gepakt naar het vliegveld. Perfect geregeld, we kunnen vlak bij het hotel op stappen en je wordt voor de deur afgezet. Even voor middernacht vertrokken, eerst voor een vlucht van twaalf uur naar Auckland in Nieuw Zeeland.
Het waait nog steeds hard maar het stof is verdwenen en de zon staat weer helder aan de hemel. Ali stapt achter het stuur van het busje van de familie en we gaan richting de graven. In de heuvels achter de ruine's van Palmyra staan her en der van deze graven. Het zijn vierkante torens van een verdieping of vier. Binnen is nog wat terug te zien van de vroegere inrichting maar verder zijn ze vrij kaal. We laten ons afzetten bij de ruine's van Palmyra en gaan eerst naar de tempel van Bel. Dit is het best bewaard gebleven monument en was vroeger het religieuze centrum van de stad.
Ons laatste stuk Peru gaat weer via de kust. Via de PanAmericana naar het noorden. Zo gauw als we de bergen van Cordillera Blanca uit zijn wordt het landschap weer vlak en steeds droger om uiteindelijk gewoon weer in woestijn te eindigen. En die woestijn rijden we nu dus door richting het noorden.
Vandaag eerst naar Mackay gereden, een vrij grote plaats. Hier weer de voorraden aangevuld bij de plaatselijke Woolworths en vervolgens richting de Pioneer Valley. Dit is een vruchtbare vallei die al sinds de komst van de eerste Europeanen gebruikt wordt voor landbouw. Nu is het vooral suikerriet wat er staat. En niet alleen hier, we rijden eigenlijk al een paar dagen tussen het suikerriet door. Bij bijna elk plaatsje van betekenis staat er dan een fabriek die de handel verwerkt en overal zijn spoorweg overgangen voor de treintjes die tussen de velden doorrijden en het riet transporteren naar de fabriek. Vaak prachtige vergezichten over de wuivende velden.
De dag van vertrek in Pucon is het weer omgeslagen. De hele dag regent het dat het giet. 's Avonds steekt de wind op en wordt het echt een ouderwets noodweer. De elektriciteit in heel Pucon is uitgevallen en in het aardedonker lopen we richting busstation. Overal liggen enorme takken die van de bomen zijn gebroken. Gelukkig vertrekt de bus wel gewoon, maar na een kwartiertje moet hij alweer stoppen omdat de weg geblokkeerd is. Het duurt een uurtje voordat we verder kunnen. De rest van de nacht verder geen vertragingen....







