Tokyo van uit de hoogte! Er zijn een paar plekken waar de bouwsels tot de wolken reizen. En dan heb je een mooi uitzicht! De bekendste is de Tokyo Sky Tree, een enorme toren die er uitziet als een zendmast. Hoog maar ook behoorllijk prijzig om te bestijgen. Er is een plaatselijke kopie van de Eiffeltoren maar die is aan alle kanten ingehaald qua hoogte. En er is het Tokyo Metropolitan Government Offices gebouw.
.
De Pantanal is een enorme wetland, zo'n 5x zo groot als Nederland. De grootste concentratie wilde dieren van Zuid-Amerika is hier te vinden. Eens kijken dus of we daar wat van mee kunnen pakken. Maar voordat we er eenmaal gearriveerd waren moest er nog wel wat gebeuren. Er was tenslotte nog een busritje te maken....
Dag 1, van Lhasa naar Samye.
Keurig op tijd komt ons autootje voor de komende week de binnenplaats van het Kirey opgereden. Het is een ouder type Landcruiser dan tijdens de vorige trip (type 62). Iets meer basic dus maar verder ziet hij er goed uit. De gids heet Hishi en de driver Norsa, het zijn rustige bescheiden mannen. De weg naar Samye gaat langs de rivier en is vrij eentonig. Het wordt weer leuk als we bij de ferry aankomen. Deze brengt ons over de Bramaputra, de heilige rivier.
De Median vallei bij Murghab is heel groen. Aan weerszijde van de rivier is het vlak en groeit alles uitbundig. Het gras staat er hoog. En met een reden, dit is namelijk de wintervoorraad voor het vee in Murghab wat straks gemaaid moet worden.
Fris en fruitig stappen we rond in Rio. Zo'n vlucht is toch wel even wat anders dan meer dan twintig uur in de bus. Op het vliegveld de bus genomen naar het centrum. Deze doet er wel nog even een uurtje over om in Ipanema te komen. Maar als we uitstappen staan we letterlijk al met onze voeten in het beroemde zand. De busstop is aan het strand. We verblijven deze dagen in het “hostelstraatje” van Ipanema. Een doodlopend straatje met een stuk of zeven hostels. 's Avonds gaat iedereen op straat staan beppen..., heel gezellig.
Om zeven uur vertrokken met een busje naar Rincon de la vieja. Kost wel een paar duiten maar bij gebrek aan alternatieven leveren we ons maar over aan de Costaricaanse dollarmakers. Het moet de moeite zijn.
Als we richting het natuurgebied om de vulkaan hobbelen begint het al weer zachtjes te regenen. Twee weken droog in Nicaragua en we zijn nog geen dag in Costa Rica en …., ja hoor!








