Vandaag verlaten we de westfjorden. Vanuit Reykholar rijden we eerst naar Budadalur. Op deze route twee watervallen bekeken. Weer twee van de minder bekende variant. Maar juist daarom erg de moeite. Eerst de Drifandagil en daarna eentje bij een stopplaats die niet eens een naam had. Daarna de hottub bij Lugar opgezocht maar het water was niet al te warm, dus die hebben we maar overgeslagen.

Vlak na Budadalur slaan we af richting Snaefellsnes. Hier begint al snel een stuk van 60 km gravelweg. En dus is het geregeld hobbelen, maar er zitten ook goede stukken tussen. Nog een voordeel, na de regen van afgelopen dag is het over met de stofwolken.
In Stykkisholmur weer eens wat boodschappen gedaan en weer getankt. De tag van de Olis benzinepompen voor het eerst gebruikt. Deze kregen we bij de Campingcard en geeft 14 ISK korting per liter als je bij Olis tankt. Vandaag daarmee voor de laagste prijs tot nu toe getankt. Maar het is altijd nog iets van €2.05 voor een liter diesel. Vervolgens een rondje door het plaatsje gelopen. Er staan wat oude Noorse huizen en het heeft een bedrijvig haventje.
Dan het laatste stuk tot Grandarfjordur. We komen eerst door een prachtig lavagebied. De grote grillig gevormde lavarotsen zijn roodbruin en er groeit enorm veel geel mos tussen. Met de grijzen wolken van vandaag en af en toe een streepje zon een prachtig plaatje.
Bij Grandarfjordur ligt weer een enorm cruiseschip. Midden in de fjord, kennelijk is er geen kade waar hij aan kan meren. De mensen worden met bootjes heen en weer naar de kant gevaren.
Aan het eind van de dag gaan lopen naar de Kirkjufell berg. Deze ligt hier voor de kust en heeft een heel aparte vorm. Aan de voet is een waterval en je kan een mooi plaatje schieten van de waterval met de berg op de achtergrond. Jammer genoeg hangen er als wij er zijn dikke wolken en is het erg grijs. Maar de waterval geeft er gelukkig nog wat kleur aan.





